Ik ben schuldig, dus ik moet hangen
Scene 7 Tekst


Moordverdachte Robert Schuitema wil niets weten van verzachtende omstandigheden en eist dat zijn advocaat Pieter hem de hoogste straf bezorgt.

INT. POLITIEBUREAU / VERHOORKAMER / MIDDAG 2

De politieagent laat Robert naar binnen en vertrekt zelf uit de verhoorkamer. Robert draagt nog steeds zijn schutterstenue en zit ineengedoken met een bleek gezicht aan tafel.

PIETER

Hallo, Robert. Ik ben Pieter Dankert, je advocaat.

Geen enkele reactie. Pieter gaat tegenover Robert zitten.

PIETER (CONT.)

Ik heb het politierapport doorgenomen.

Hij vouwt zijn aktekoffertje open en haalt er een map uit.

PIETER (CONT.)

En de verklaringen van je vrienden gehoord. Voorzover ik het kan beoordelen en ik beloof niks...

Hij legt wat papieren voor zich op tafel.

PIETER (CONT.)

Maar moord kan ik het niet noemen en ook geen doodslag. Het was een ongeval. Een tragisch ongeval.

Robert kijkt verbaasd op.

PIETER (CONT.)

Als Tieme Dijkstra zijn boog niet was vergeten en jij had gemerkt dat hij op scherp stond... Geen sprake van opzet. Dat moet de rechter ook wel inzien. Dus...

Hij kijkt Robert recht aan.

PIETER (CONT.)

Maak je geen zorgen. Voor je het weet, sta je weer op straat.

Robert ontploft bijna van verontwaardiging:

ROBERT

Op straat?! Het was MOORD! Een pijl dwars door z'n kop! Hij had geen schijn van kans. Op straat?! Ik mag nooit meer op straat! Twintig jaar moet ik krijgen! Levenslang!

PIETER

Ik begrijp dat je emotioneel...

ROBERT

Tom en ik... Hij was m'n beste vriend. Een broer! Altijd samen. Van toen we vier waren. De eerste sigaret, de eerste vriendinnetjes, álles deden we samen.

Pieter knikt.

ROBERT (CONT.)

Hij heeft me gered uit het kanaal. Ik zal het nooit vergeten. We doken onder schepen door. Maar ik zat vast en zonder hem... Hij heeft me gered. En ik... Ik... Ik schiet hem hartstikke dood.

Hij verbergt zijn gezicht in zijn handen, terwijl zijn lichaam op en neer schokt. Pieter weet zich geen raad met de situatie. Dan gaat de kamerdeur open en de politieagent komt weer naar binnen met éen kop koffie en een appelbol.

POLITIEAGENT 1 (TEGEN ROBERT)

Die was nog over.

Hij zet de koffie en het gebak voor Robert neer en vertrekt meteen, verwonderd nagekeken door Pieter. Robert neemt een slok koffie en komt langzaam weer tot zichzelf.

ROBERT

Dus je hoeft me niet vrij te krijgen met allerlei trucjes.

PIETER

Ik ben je advocaat. Wat wil je dan?

ROBERT

De maximale straf.

Pieter schudt zijn hoofd.

PIETER

Die krijg je nooit.

ROBERT

Daar zorg jij dan maar voor.

PIETER

Waarom?!

ROBERT

In het belang van je cliënt.

PIETER

Twaalf, dertien jaar de cel in?!

ROBERT

Ik heb iemand omgebracht, dus ik moet boeten.

PIETER

Wees niet zo hard voor jezelf.

ROBERT

Ik wil mezelf ooit weer in de spiegel kunnen aankijken.

Er valt een stilte.

PIETER

Hoort dat ook bij jullie 'schutterij', zo'n idiote erecode?

ROBERT

Ik loop niet weg voor wat ik heb gedaan. Ik zeg wat ik denk en ik doe wat ik zeg. Noem dat maar idioot.

Pieter laat het op zich inwerken.

ROBERT (CONT.)

Ik ben schuldig, dus ik moet hangen.

(...)

Meer teksten

Moeders & Dochters

De intentie van de makers mocht geslaagd heten

Wim de Jong

(Recensent)

Andere teksten

© Maarten van der Duin | wildwords, 2011-2021