Door de hele wagon golft een verontrustend gefluister: AUSCHWITZ, AUSCHWITZ, AUSCHWITZ.
Scene 32


Na een afschuwelijke treinreis van vele dagen komen de Joden uitgeput aan op de eindbestemming: Auschwitz. Roos en haar ouders zoeken bescherming bij elkaar.

DRAMA: INT. WAGON

Plotsklaps vertraagt de trein en de wagons botsen met luide knallen op elkaar. CLOSE op het gezicht van ROOS die naar buiten probeert te kijken. Haar VADER en MOEDER komen bij haar staan. Stilte. Door de hele wagon golft een verontrustend gefluister: AUSCHWITZ, AUSCHWITZ, AUSCHWITZ. Iemand begint het kaddisj te bidden:

JOODSE BEJAARDE

Jitgadal we jitkadasj sjemee raba, be-alma diwra chiroetee, we-jamlich malchoetee, bechajechon oe-wejomeechon oe-wechajee dechol beet jisrael, ba-agala oe-wizman kariev, we-imroe amen.

In de verte klinkt het geraas van wagondeuren die worden opengeschoven. Het geluid komt steeds dichterbij.

VADER (TEGEN ROOS & MOEDER)(fluistert)

Blijf dicht bij mij.

Opeens schuift met een oorverdovend geraas de wagondeur open en een zee van licht kleurt het hele scherm wit.

Meer teksten

13 in de oorlog

Deze serie staat op eenzame hoogte van perfectie

Peter Rottier

(Docent Mens & Maatschappij)

Andere teksten

© Maarten van der Duin | wildwords, 2011-2021